Stichting de Tabernakel - Preken met verwachting!

 

 

Stichting De Tabernakel geeft preken met verwachting uit! Het gaat hierbij veelal om Engelstalige, puriteinse schrijvers. Hun preken worden betrouwbaar vertaald in hedendaags Nederlands en uitgegeven in een mooie omslag. Het is ons verlangen dat door dit werk velen tot kennis van en het leven met de Heere Jezus Christus mogen komen. 

Motivatie Hans Timmerman

Aan het einde van de 19e eeuw, op de drempel naar de 20e eeuw, vroeg men aan William Booth, de oprichter destijds van het Leger des Heils: ‘Meneer Booth, wat denkt u dat de voornaamste bedreigingen zijn waar de Kerk mee te maken krijgt nu we de 20e eeuw in gaan?’ Zijn antwoord was als volgt: ‘In antwoord op uw vraag denk ik dat de voornaamste bedreigingen waar de komende eeuw zich mee geconfronteerd zal weten; Godsdienst zonder de Heilige Geest, Christendom zonder Christus, Vergeving zonder Bekering, Redding zonder Wedergeboorte, Politiek zonder God en Hemel zonder Hel zal zijn.’

 

Hoewel een ernstige en terechte zorg gebleken, hadden we een dergelijk antwoord misschien eerder verwacht van een gereformeerd dominee of theoloog dan van deze voorman en evangelist. Hoe dan ook, in tegenstelling tot het ‘Vrede, Vrede, geen gevaar’, zag deze man in de opkomst van wat wij vandaag de dag kennen als de charismatische beweging met al haar afgeleiden, toen al het gevaar van een humanistische en oppervlakkige godsdienst. Hij waarschuwde in zekere zin voor ‘een ander evangelie’.
 

Nu wij in de 21e eeuw leven en op onderscheidende wijze terug kunnen kijken op de 20e eeuw en zelfs het begin van de 21e eeuw, kunnen we helaas concluderen dat het een vrij nauwkeurige voorspelling is geweest. Hoewel dit in sommige gevallen overduidelijk mag zijn, moeten we daarnaast wel de verleiding weerstaan om op een afstand onszelf veilig te wanen voor enig gevaar. Is een groot gevaar immers niet datgene te negeren wat veel minder duidelijk is en heel subtiel, ongemerkt ons christelijke leven in kan sluipen? Iets wat misschien niet zo zeer aan de oppervlakte ligt, zoals veel dingen die we wel of niet doen, maar wat dieper ligt en te maken heeft met het hoe en waarom we dingen doen. Neem nu de liefde tot de Heere Jezus Christus, datgene waar eigenlijk het hele christelijk leven om draait. Als u een Christen bent, houdt u van Christus. Maar helaas is die liefde lang niet altijd even intens en vraagt het een zekere inzet en toewijding van uw kant om Hem lief te hebben met heel uw hart, ziel, verstand en met alle kracht. Er is nauwelijks een betere illustratie van die schommeling in intensiteit dan wat er in de kerk van Efeze gebeurde.

 

Toen de Heere Jezus tot de kerk in Efeze zei: ‘Ik heb dit tegen u, dat u uw eerste liefde verlaten hebt’, was er iets gaande dat tot op de dag van vandaag al veel kerken in veel tijden en plaatsen tot een plaag was en is. In plaats van het ijverig werken aan een diepe en intieme relatie met Christus, blijken veel gelovigen Hem praktisch vrijwel te negeren. Velen zijn in de loop van de tijd ten prooi gevallen aan de tijdgeest of plaatselijke cultuur en hebben zich gericht op het najagen van allerlei lege gewoontes en tradities. De passage in Openbaring 2:1-7 verheldert duidelijk het gevaar van zo druk worden met activiteiten voor de Heere Jezus dat we de noodzaak vergeten van het onderhouden van een rijke en liefdevolle relatie met Hemzelf.

 

De kerk in Efeze had een geweldig begin. De apostel Paulus had er veel tijd van zijn leven geïnvesteerd om de gelovigen daar de hele raad Gods te onderwijzen. Ze deden zoveel goeds waar de Heere hen zelfs voor prees, inclusief het niet verdragen van die valse leer, maar het belangrijkste fundament voor alles misten ze; de eerste liefde voor de Heere Jezus. Een nieuwe generatie was opgegroeid in Efeze die vasthield aan de sterke traditie, maar niet aan een sterke en intense liefde voor Jezus. 

 

Laat me u een vraag stellen: Als u de liefde die u tot Christus hebt en wat dat betekent in uw dagelijkse leven, als u dat op eenzelfde wijze vanaf nu ook zou gaan betonen aan uw echtgeno(o)t(e), uw of jouw (beste) vriend of vriendin, zouden zij zich dan geliefd en gewaardeerd voelen? Zouden zij zonder enige twijfel kunnen zeggen: ‘Je houdt echt van mij om wie ik ben, ik merk in alles wat je vrijwillig en met liefde voor mij doet dat ik veel voor jou beteken. Ik heb zelfs gezien dat je bereid bent om voor mij door het vuur te gaan!’ Of zouden velen van ons dan al vrij snel tot de schokkende ontdekking moeten komen dat we sommige mensen erg verdrietig maken, die zich niet bepaald geliefd, maar zelfs verwaarloosd zouden voelen? Zouden we dan in alle eerlijkheid misschien wel van geliefden te horen krijgen dat we meer tijd, aandacht en liefde voor ons werk, onze bediening, hobby’s, smartphone en andere bezigheden hebben dan voor hem of haar? Zouden we na verloop van tijd sommige vrienden/vriendinnen überhaupt nog wel hebben? Ik hoop dat u begrijpt dat het hier niet gaat om de perfectie die niemand ooit zal bereiken, maar in overeenstemming met de oproep van Heere Jezus in datzelfde gedeelte in Openbaringen behoort een zeker streven hiernaar wel voortdurend aanwezig te zijn.

 

De puritein Thomas Vincent schreef een geweldig boek over: De liefde van een ware christen tot de Christus die hij niet gezien heeft (Engels: The True Christian's Love to the Unseen Christ). Dit klassieke boek is eigenlijk een bevindelijke verhandeling naar aanleiding van 1 Petrus 1:8, waarin Thomas Vincent probeert voornamelijk de vervallen liefde van Christus in de harten van Christenen weer aan te wakkeren en bevorderen. Hij schetst hierin op Bijbels nauwkeurige wijze o.a. wat een gebrek aan liefde tot Christus kenmerkt:

 

“Het Christelijke leven bestaat vrijwel geheel uit onze liefde tot Christus. Zonder liefde tot Christus zijn we net zo zonder geestelijk leven als een lichaam, wanneer de ziel eruit ontvloden is, zonder natuurlijk leven is. Geloof zonder liefde tot Christus is dood geloof en een Christen zonder liefde tot Christus is een dode Christen, dood in zonden en overtredingen. Zonder liefde tot Christus kunnen we de naam van Christenen hebben, maar zijn we geheel zonder de natuur ervan. Kunnen we de vorm van godsdienstigheid hebben, maar zijn we geheel zonder de kracht ervan.”

 

Aan de andere kant wordt een ware Christen duidelijk herkend aan zijn of haar alles innemende liefde voor Christus. Thomas Vincent vervolgt:

 

“Als Hij hun liefde heeft, zullen hun verlangens voornamelijk naar Hem zijn. Hun blijdschap zal voornamelijk in Hem zijn; hun hoop en verwachtingen zullen voornamelijk van Hem zijn. […] Liefde zal alle krachten en vermogens van hun ziel voortdurend bezighouden; hun gedachten zullen onder de heerschappij van en gehoorzaamheid aan Hem gebracht worden; hun verstand zal aan het werk gezet worden in het zoeken en ontdekken van Zijn waarheden; hun gedachten zullen vergaarbakken zijn om deze te onthouden. […] Heel hun verstand en alle leden van hun lichaam zullen dienstbaar zijn aan Hem. Hun ogen zullen voor Hem zien, hun oren zullen horen voor Hem, hun tongen zullen spreken voor Hem, hun handen zullen werken voor Hem, hun voeten zullen lopen voor Hem. Al hun gaven en talenten zullen gereed zijn om te doen voor Hem wat Hij vereist. Ze zullen lijden voor Hem waar Hij hen ook toe roept. Als ze veel liefde naar Hem hebben, zullen ze het niet erg vinden zichzelf te verloochenen, hun kruis op te nemen en Hem te volgen waarheen Hij hen ook leidt.”

 

Deze twee korte passages uit dat oude, maar bijzonder waardevolle boek van Thomas Vincent vatten vrij goed samen waar het bij de puriteinen in prediking, leer en leven veelal op neerkwam. Het vormt ook een vrij goede samenvatting van waarom ze puriteinen genoemd werden. Niet zo zeer omdat ze zelf perfect waren in alles, want dat waren ook zij niet. Maar hun Bijbelse Godsbeeld, diepe besef van het alles doordringende effect van de zonde en de alles overtreffende rijkdom die er in Christus is, had een geweldige liefde tot Hem en bewogenheid met iedere ziel op weg naar de eeuwigheid ontstoken. Dit leidde er mede toe dat velen van hen werden gedreven door de vaste overtuiging van de genoegzaamheid van Christus en Zijn Woord. Ze zochten op vrijwel alle gebieden in het leven naar de wijsheid van boven en de toepassing ervan in spreken en leven.


De rijke zegen en vruchtbare uitwerking die God reeds schonk op hun bediening en nagelaten erfgoed, verlang ik ook van harte voor de Kerk van Christus in deze tijd. Dat ook nu deze onderscheidende prediking nog een bijdrage mag leveren in lokale gemeenten, maar juist ook in het leven van iedere gelovige persoonlijk. Dat het geestelijk tot voedsel mag zijn en zal leiden tot meer en werkelijke ontdekking van Wie Christus is en de diepte van de rijkdom die we als gelovigen in Hem hebben ontvangen. Als dat toch zo mag zijn en de Almachtige dat gepredikte Woord ook nu zal vergezellen met zijn Geest, dan kan het niet anders dan dat de levens vernieuwende uitwerking hiervan, voor het eerst of opnieuw, een zelfopofferende, blijvende en alles innemende liefde voor Hem, Zijn Kerk en de naaste tot gevolg heeft. Dat is mijn hoop en voornaamste verlangen in mijn betrokkenheid bij Stichting de Tabernakel, voor u, voor jou en mijzelf. Opdat Nederland en de wereld weer een werkelijke demonstratie ontvangen van wat het ten diepste is om Christen te zijn en opdat de Naam van God verheerlijkt zal worden.

 

Een 18e eeuwse hymnwriter bracht dit verlangen op biddende wijze zo treffend onder woorden toen hij schreef:

 

Spirit of God descend upon my heart;                               

Wean it from earth; through all its pulses move;            

Stoop to my weakness, mighty as Thou art;                     

And make me love Thee as I ought to love.”                     

 

Geest van God, daal neer op mijn hart;

Ontwen het van het hier en nu, kom door al de impulsen heen;

Kom mijn zwakheid te hulp, machtig als U bent;

En laat mij U liefhebben zoals ik U behoor lief te hebben.

 

Een vriendelijke groet,

Hans Timmerman.

 

 

 

Nieuwe uitgaven